Deze website maakt gebruik van cookies en daarmee vergelijkbare technieken om een optimale gebruikerservaring te bieden. Je kunt je voorkeuren aanpassen.

Deze cookies zorgen ervoor dat de website naar behoren werkt. Deze cookies kunnen niet uitgezet worden.
Deze cookies zorgen ervoor dat we het gebruik van de website kunnen meten en verbeteringen door kunnen voeren.
Deze cookies kunnen geplaatst worden door derde partijen, zoals YouTube of Vimeo.
Deze cookie stellen onze advertentiepartners in staat om doelgerichter informatie te kunnen aanbieden.

Door categorieën uit te zetten, kan het voorkomen dat gerelateerde functionaliteiten binnen de website niet langer correct werken. Het is altijd mogelijk om op een later moment de voorkeuren aan te passen.

Eden Dauvillier

1999
Geboorteplaats:
Dordrecht, Nederland
Foto door: Dagmar Rijgersberg - Eden Dauvillier

Foto door: Dagmar Rijgersberg

Eden Dauvillier

Ik ben geboren in Dordrecht in 1999. Mijn Indische achtergrond komt zowel van mijn vaders- als moederskant. Mijn opa van mijn moederskant was een Peranakan Chinees, en mijn oma was Indisch. Zij kwamen uit een klein dorp uit West-Java genaamd Tjikadjang, en verhuisden later naar Garut. Mijn moeder is hun 7e kind en is zelf ook geboren in Garut. Mijn familie is in 1965 per vliegtuig naar Nederland gekomen, in de periode dat het gevaarlijk werd voor de Chinezen in Indonesië. De familie van mijn vaderskant heeft ook geschiedenis in Nederlands-Indië. Mijn betovergrootvader werkte als ambtenaar in Nederlands-Indië. Zo is mijn opa uiteindelijk ook in Indonesië geboren, in Kediri (Java). Mijn vader heeft een groot deel van deze familiegeschiedenis uitgezocht en verwerkt in een boek.

Ik ging naar de basisschool in Oudelandshoek, waar ik met veel andere Indische kinderen in de klas. Indisch zijn voelde voor mij toen heel normaal. Toen ik naar de middelbare school ging werd het toch minder vanzelfsprekend. Zelf hield ik me er ook minder mee bezig. Pas tijdens mijn opleiding Cultuurgeschiedenis kwam de interesse en het besef weer naar boven. Ik begon heel erg te verlangen naar het huis van mijn oma, die inmiddels overleden was. De geur van gebakken kroepoek en tempeh, de schilderijen van sawa's aan de muur, chinese porseleinen potten op tafel en orchideeën voor het raam.

‘We bleven daar regelmatig met de hele familie eten. Meestal stonden we dan in de keuken of zaten we op de trap omdat er niet genoeg plek was.’

Ook kreeg ik in die tijd het besef dat ik heel weinig afwist van de geschiedenis, terwijl het Indisch zijn zo vanzelfsprekend voelde voor me. In mijn Master Cultuurgeschiedenis ben ik me gaan verdiepen in de geschiedenis en heb ik uiteindelijk mijn scriptie geschreven over transgenerationele doorwerking binnen Indische gemeenschap. In die periode leerde ik veel nieuwe mensen kennen met dezelfde achtergrond. Bijvoorbeeld bij Makan3.0, of op de pasar malam in Dordt waar ik achter de kraam stond met mijn nicht Lara. Ik kwam erachter hoeveel jongeren ook opzoek waren naar hun familiegeschiedenis en zichzelf probeerden te positioneren in deze lange en ingewikkelde geschiedenis.

Sindsdien ben ik anders gaan kijken naar het Indisch zijn.

‘Vroeger zag ik vooral de gezelligheid en het samen eten. Nu zie ik ook dat de gemeenschap verbonden is door een gedeeld verleden.’

De Indische gemeenschap is een product van kolonialisme. En hoe erg de perspectieven ook kunnen verschillen (met name binnen de gemeenschap) over dat verleden, het is een verhaal dat ons bindt. Een verhaal van tussen wal en schip vallen en jezelf eindeloos moeten aanpassen. Maar ook een verhaal van veerkracht, samenhorigheid en verbintenis.

Ik ben trots dat ik onderdeel ben van deze gemeenschap. Inmiddels heb ik van dit persoonlijke onderwerp mijn werk kunnen maken. Zo werk ik met plezier bij het Indisch Herinneringscentrum in Den Haag en ben ik actief bij Jong1508. En waar ik ook ben – op werk, op de pasar malam, of in de toko – ik voel me altijd net ietsje meer thuis als ik me tussen de Indische mensen bevind.