Eelkje (Ella) Riemersma

27-06-1903 (Dordrecht)  -  22-03-1993 (Wenen)

Portret van Ella Riemersma in 1923 (Regionaal Archief Dordrecht 309_798)

Eelkje (Ella) Riemersma werd geboren in Dordrecht op 27 juni 1903 en overleed 22 maart 1993 in Wenen. Zij was de dochter uit het in 1894 in de Friese gemeente Gaasterland gesloten huwelijk tussen notarisklerk Pieter Riemersma (Tzum 3 februari 1867-Dordrecht 17 oktober 1942) en Louise de Rooij (Balk 10 maart 1867-Hilversum 27 juni 1956). Haar oudere broer Martinus Johannes (Max) werd op 15 augustus 1900 geboren in Huizum (overleden Den Haag 17 januari 1980). Jongere zus Gerttje (Geertje) werd op 14 mei 1906 geboren in Dordrecht (overleden Den Haag 14 april 1945). Ella trad op 28 maart 1933 te Den Haag in het huwelijk met de 25 jaar oudere Jan Anne de Bordes (Hilversum 31 augustus 1878-Hilversum 1 maart 1948), directeur van een verzekeringsmaatschappij. Dit nadat diens eerste huwelijk een paar weken eerder door echtscheiding was ontbonden. Uit dit huwelijk had Jan Anne een zoon, het huwelijk van Ella en Jan is kinderloos gebleven.

Ella Riemersma genoot op een bepaald moment niet minder bekendheid dan tijdgenoten als Rie Cramer en Anton Pieck. Dit blijkt uit de recensies die verschenen over boeken die door haar geïllustreerd zijn en uit de reclame die de uitgevers hiervoor maakten. Ook als ontwerper van boekbanden in art deco-stijl heeft zij een bijzonder oeuvre weten op te bouwen. Bij het werk van Ella Riemersma is het concept compromisloos, worden hoge eisen gesteld aan de technische uitvoering en is het levendig gebruik van kleur opvallend.

In december 1901 verhuisde het gezin Riemersma van Friesland naar Dordrecht. Ze betrokken een bovenwoning aan de Toulonselaan, waar Ella anderhalf jaar later werd geboren. Ze ging in 1909 voor het eerst naar de gemeenteschool 10 aan de Nieuwstraat, in 1915 begon ze op de aan het Oranjepark gelegen HBS. Ella bleek een intelligente leerling, doorliep alle klassen vlot en behaalde in 1920 haar diploma. Op haar leerlingenkaart staat als aantekening: ‘Wil in het teekenen doorgaan’.

Op amper achttienjarige leeftijd nam Ella in 1921 haar eerste professionele opdrachten aan. Ze ontwierp een kalenderschild voor uitgeverij Jacob van Campen en was verantwoordelijk voor het bandontwerp van een versjesboek. Vanaf 1922 leverde ze als illustratrice regelmatig bijdragen aan de Merwepost. Geïllustreerd week-tijdschrift voor Dordrecht en omstreken. Met ingang van het eerste nummer, dat verscheen op 29 april van dat jaar, was Ella verantwoordelijk voor het merendeel van de illustraties en vignetten. Met name bij verhalen en de vaste moderubriek zou ze in totaal ruim 80 illustraties maken, de laatste hiervan verscheen in januari 1925. Haar carrière als mode-illustratrice kreeg later een vervolg bij onder andere De Groene Amsterdammer.

In het najaar van 1922 werd Ella lid van Teekengenootschap Pictura. Haar actieve rol bleef er echter beperkt tot enkele inzendingen voor tentoonstellingen met werk van leden. Voor de tentoonstelling ter gelegenheid van de viering van het 150-jarig jubileum in september 1924 werden twee van Ella’s werken geselecteerd. Daarna deed ze als buitenlid niet meer mee aan exposities; in december 1926 werd Ella uitgeschreven. In september 1924 vertrok ze naar Amsterdam om te gaan werken bij de firma Metz & Co, als exclusieve vertegenwoordiger van een vermaard Engels handelshuis ook wel aangeduid als ‘Liberty’. Dit bedrijf had een reclameafdeling waar advertenties en catalogi werden gemaakt, Ella kreeg er een vaste aanstelling als ‘japonnenteekenares’. Haar werk zorgde voor financiële zekerheid én artistieke uitdaging.

Korte tijd nadat Ella in Amsterdam in een pension vlakbij het Vondelpark ging wonen, meldde zij zich aan bij Rijksacademie van Beeldende Kunsten. Ze deed met goed gevolg toelatingsexamen en schreef zich in voor een cursus. Omdat ze de ochtenden bij Metz & Co werkte, had Ella de middagen vrij om ander werk aan te nemen. In deze periode maakte ze kinderboekillustraties, boekbanden en stofomslagen voor uitgeverijen. Daarnaast maakte Ella omslagen en illustraties voor kindertijdschriften en mode-illustraties voor diverse andere tijdschriften. Alles bij elkaar kwam ze tot een aanzienlijke productie. In 1926 en 1927 werkte ze ook nog, samen met auteur Elly Reitsma, aan twee prentenboeken.

Half oktober 1927 nam Ella ontslag bij Metz & Co en reisde af naar Parijs. Ze vestigde zich in de wijk Montparnasse, net als talloze andere aspirant-kunstenaars die in de jaren twintig afkwamen op de reputatie van deze wijk als het centrum van de moderne kunst. In deze nieuwe woon- en werkomgeving onderhield Ella per brief contact met haar Nederlandse opdrachtgevers. Haar tekenwerk was nog uitsluitend bestemd voor boeken, boekomslagen en stofomslagen, maar haar productiviteit had er met name de eerste drie jaar zeker niet onder te lijden. Tot Ella’s belangrijkste opdrachtgevers behoorden in deze periode bekende Amsterdamse uitgeverijen zoals Meulenhoff. Ze was in Parijs overigens niet alleen op zoek naar verandering van omgeving, maar ook naar een verandering in haar werk. Ella wilde zich naar eigen zeggen gaan toeleggen op ‘het meer verfijnde en luxueuze genre’. Met weinig succes wist ze deze ambitie echter aan uitgevers kenbaar te maken.

In het voorjaar van 1932 keerde Ella uit Parijs terug naar Nederland. Ze vestigde zich tijdelijk in Amsterdam en verhuisde een half jaar later naar Den Haag. Daar trad ze op haar 29e in het huwelijk. Haar man studeerde in Delft en maakte carrière in het verzekeringswezen. Ella’s huwelijk was voor haar reden om al haar professionele activiteiten te staken en alleen nog als hobby het schilderen uit te oefenen. Met één enkele uitzondering is er van na 1933 geen nieuw werk te traceren. In juni 1936 betrok het echtpaar De Bordes-Riemersma een landhuis in Wassenaar. Een reeks gebeurtenissen in de jaren daarna raakte Ella diep. Haar vader overleed in 1942 en haar zus in april 1945. In augustus van dat jaar verhuisden Ella en haar man naar Hilversum; in maart 1948 overleed Jan Anne de Bordes daar. In oktober 1950 verhuisde Ella naar een kleinere woning in Laren en in maart 1957, niet lang na het overlijden van haar moeder, verhuisde ze naar Wenen. Op 22 maart 1993 overlijdt Ella Riemersma in zelfgekozen anonimiteit in de Oostenrijkse hoofdstad.

Voor een oeuvreoverzicht (boekverzorging en –illustraties, tijdschriften, reclame, etc.) zie:
P. van Dam, De art deco van Ella Riemersma, illustratrice en boekbandontwerpster 1903-1993 (Eindhoven 2010).

Bronnen en literatuur
E. Reitsma en E. Riemersma, Het verzenboek van Lijsje (Gouda 1928).
E. Reitsma en E. Riemersma, Van vier vroolijke klantjes in het zouteland (Gouda 1928).
E. Reitsma en E. Riemersma, Weet je wat ik worden wil (niet gepubliceerd).
S. de Bodt en J. Kapelle, Prentenboeken, ideologie en illustratie 1890-1950 (Brussel 2003).
Lexicon van de jeugdliteratuur (1982-2014).
http://www.dbnl.org/
http://www.kb.nl/

Sander van Bladel (augustus 2019)

Sluit het Verborgen Museum